
18 januari 2010
Door de betere beveiliging van ramen en deuren, die sinds 1999 verplicht is, hebben woningen die sindsdien zijn gebouwd een kwart minder kans op inbraak dan oudere woningen. Ongeveer 10.000 inbraken in nieuwbouwwoningen zijn door de strengere bouwvoorschriften voorkomen. Dit blijkt uit een onderzoek dat is uitgevoerd door Universiteit van Tilburg in opdracht van het Programma Politie en Wetenschap.
In 1999 is in het Bouwbesluit de verplichting opgenomen om inbraakwerende deuren en ramen te gebruiken die voldoen aan de eisen van het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW). Meer dan een half miljoen woningen zijn inmiddels overeenkomstig dit besluit gebouwd of gerenoveerd. Het onderzoek toont voor het eerst aan dat hierdoor duizenden inbraken zijn voorkomen. Het voordeel van een lagere inbraakkans wordt geschat op een gemiddelde van 460 euro per woning. De gemiddelde extra bouwkosten per woning voor betere beveiliging is lager. Daar komt bij dat bewoners van de beter beveiligde woningen zich veiliger voelen dan bewoners van eerder gebouwde woningen.
Het vooraf inbouwen van preventiemaatregelen zoals bij nieuwbouwwoningen of door corporaties bij renovatieprojecten werkt beter tegen woninginbraak dan bewoners te adviseren om zelf meer aan preventie te doen. Dit blijkt uit een vergelijking van de resultaten van deze studie met de resultaten van eerder onderzoek. Bewoners lijken niet of nauwelijks te reageren op voorlichtingscampagnes, persoonlijk preventieadvies of subsidies voor het laten beveiligen van de woning. Het enige moment waarop bewoners wel gemotiveerd zijn preventiemaatregelen te nemen, is direct na een inbraak.
Dit onderzoek laat zien dat regulering door het Rijk effectief is in het doorbreken van de beperkte motivatie van woningbouwers en gemeenten voor het bouwen van goed beveiligde woningen. Uit het onderzoek blijkt niet dat daders zich meer zijn gaan richten op andere vormen van diefstal, zoals diefstal uit auto of fietsdiefstal. Eerder gebouwde woningen lijken licht mee te profiteren als ze in wijken staan met overwegend sinds 1999 gebouwde woningen. Eerder gebouwde woningen in oudere stadswijken lijken juist enig nadeel te ondervinden, al is dat beperkt.
Een van de grote winstpunten van het Politiekeurmerk Veilig Wonen is ervoor te zorgen dat de aanpassingen in het Bouwbesluit 1999 gerealiseerd zijn. Dit op basis van de successen die het PKVW vanaf begin 1990 behaald heeft op het gebied van woninginbraken en veiligheidsgevoelens in de wijk. Het PKVW gaat verder dan het Bouwbesluit aangezien de filosofie is dat het gaat om een veilige woning of woongebouw in een veilige wijk. Het Bouwbesluit gaat niet over de omgeving van de woning zoals het achterpad of het zicht op de voor- en achterdeur dmv verlichting, het gebouw en de wijk. Hierin zijn nog vele winstpunten op het gebied van veiligheid te behalen.